Matches in Data.gov.be for { <http://data.gov.be/.well-known/genid/prov/6d3ac17c362a95c9dce6baed7243392f21cbdd26> ?p ?o ?g. }
Showing items 1 to 2 of
2
with 100 items per page.
- 6d3ac17c362a95c9dce6baed7243392f21cbdd26 title "De potentiële bodemerosiekaart per perceel 2017 is gebaseerd op de percelenkaart 2016. De potentiële bodemerosiekaart per perceel werd opgesteld door middel van computermodellering met een ruimtelijke resolutie van 5x5 m (Onderzoeksgroep Fysische en Regionale Geografie, Departement Aard- en Omgevingswetenschappen, K.U.Leuven). De berekening van de erosie is gebaseerd op de herziene universele bodemverliesvergelijking of R.U.S.L.E. (Revised Universal Soil Loss Equation, Renard et al, 1991). Het betreft een empirisch model waarmee de gemiddelde jaarlijkse bodemerosiesnelheid per oppervlakte-eenheid als gevolg van intergeul- en geulerosie wordt berekend als een product van 6 factoren. De waarden van de verschillende inputfactoren van de R.U.S.L.E. vergelijking zijn met uitzondering van de K-factor gelijk gebleven ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit wil zeggen dat de gebruikte C-factor 0.37 bedraagt voor landbouwland, 0.001 voor bos en 0 voor bebouwde oppervlakken. De R-factor is 880 MJ.mm/ha.jaar en de K-factor wordt bepaald door de bodemtextuur. Ten opzichte van de kaart van 2015 werd de K-factor voor bodemtextuur klei verlaagd en kregen de K-factoren voor 'kunstmatige gronden' uit de bodemkaart de waarde van de dichtstbijzijnde pixel. De LS-factor werd berekend met behulp van software gebaseerd op het WATEM-SEDEM model. De connectiviteit tussen de percelen werd ingesteld op 30%. De P-factor tenslotte, werd zoals de voorgaande jaren ingesteld op 1. De behandeling van de bezwaarschriften in 2014 en 2015 bracht enkele tekortkomingen in het computermodel aan het licht. Die hebben ook een invloed op percelen waarvoor nog geen bezwaarschrift werd ingediend. In de erosiegevoeligheidskaarten 2016 en 2017 zijn deze tekortkomingen weggewerkt. In grote lijnen ging het om twee tekortkomingen: het digitaal hoogtemodel en de bodemerosiegevoeligheidsfactor. In bepaalde gebieden was het digitaal hoogtemodel verschoven, zodat bvb. wegbermen of taluds van holle wegen (deels) in de percelen lagen en de erosiewaarden te hoog waren. Plaatselijk waren valleien in het digitaal hoogtemodel onterecht opgehoogd, zodat delen van percelen ten onrechte als volledig vlak werden berekend. Op de grenzen met andere gewesten waren er lokaal problemen. De bodemerosiegevoeligheidsfactor had onrealistische waarden voor kleibodems en voor ‘kunstmatige gronden’. De toepassing of interpretatie van de potentiële bodemerosiekaart per perceel moet met de nodige deskundigheid en voorzichtigheid gebeuren. Het doel van de potentiële bodemerosiekaart per perceel is het voorspellen van het gemiddelde potentiële erosierisico. Het is geen weergave van de jaarlijkse erosiehoeveelheid per perceel welke sterk afhankelijk is van o.a. de weersomstandigheden, de gewaskeuze, de teeltrotatie, het gebruik van groenbedekkers, de bewerkingstechniek, ... De gegevens worden enkel meegedeeld ter informatie. De Vlaamse overheid biedt geen absolute zekerheid betreffende de potentiële erosiewaarden van de individuele percelen. De Vlaamse overheid kan niet aansprakelijk gesteld worden voor de schade of kosten die eventueel voortkomen uit het gebruik van de door hen gegeven informatie, noch voor eventuele foutieve informatie of inschattingen." @default.
- 6d3ac17c362a95c9dce6baed7243392f21cbdd26 type ProvenanceStatement @default.